lees verder Zanzibar
naar fotogalerij
Video's
Kaart
Foto's
Reizen
Home
Onze trip naar Zanzibar is er een om te onthouden. Na een flauw ontbijt wachten we op vervoer naar het centrum van Arusha. Menno of zijn vriendin zouden ons komen ophalen en naar de Shuttle brengen van waaruit we naar de luchthaven kunnen. Iedereen is al vertrokken uit de lodge als wij nog steeds op de uitkijk staan. Met een klein uur vertraging komt een poepchique sportkarretje de parking opgereden. Hello, I am Veronica ! Ook aangenaam ! De verschijning mag er best zijn en haar metaalglimmend hebbedingetje eveneens. Maar hoe krijg je in godsnaam twee gezette gepensioneerden en twee harde koffers in dat doosje. Je kent die sportwagentjes : twee ligbedden vooraan en één kattenbak ! Als het moet, dan moet het ! Gelukkig duurt de rit maar even. Vero, parkeert de wagen net voor de burelen van Precision Air, waar ze de tickets moet regelen. Daar moeten wij indruk gemaakt hebben, vrees ik. De portieren flappen naar omhoog en daar lig je dan op 15 cm hoogte boven de grond met veel te korte armpjes in het ijle te grijpen naar een houvast om je uit dat ding te wringen. Hoe, weet ik veel, maar we zijn eruit geraakt zonder kleerscheuren en blijvende letsels. Vero, bedankt voor de lift !

Nu weet ik het zeker : de playboy uithangen doe je best niet meer als je de zestig voorbij bent !                                                                                                                                                                                           
Het loopt tegen17u als we Arusha bereiken. De majestueuze Mt Meru met zijn 4566 m ligt vlak voor ons. Voor het eerst zien we rechts ernaast de eeuwige sneeuw van de Kilimanjaro door de wolken piepen, en die ligt toch nog 50 km hier verder vandaan.
Terug in The Outpost Lodge drinken we een ferme pint met en nemen we afscheid van onze gids August. We bedanken hem voor de fijne safari met een extra tip en de belofte dat we hem zullen aanprijzen bij anderen.  Even later komt ook Menno er nog even bij voor een babbel en een evaluatie. Het is goed geweest, bedankt en hopelijk tot nog eens !
Nog een beetje eten, koffers pakken en  …zzzzzz. 
Wij moeten de krater uit. August moet al zijn stuurkunsten aanwenden om het gevaarte naar boven te loodsen. De motor heeft hierbij al zijn power nodig. De hellingen zijn bijzonder steil, de bochten soms gevaarlijk overhellend. Gelukkig is deze track eenrichtingsverkeer ! Toch zijn we opgelucht als we boven zijn. Met enige nostalgie werpen we nog een laatste blik in de krater. Beeld dat voor altijd zal bijblijven, geloof me.
De terugweg wordt een beetje déjà vu. Via Lake Manyara, waar het allemaal begon, terug naar Arusha. Onderweg vangen we nog een een blik op van de wekelijkse vrijdag
markt in Karatu. Daar komt een massa volk op af !
Op een rustige pic-nic plek langs de weg gebruiken we de lunch. Er staat nog een verplicht bezoek aan een Masaidorp op het programma, maar veel stelt het niet voor. Menno heeft van deze
Masai een stuk land gekocht waarop hij in de toekomst een lodge wil bouwen. Als compensatie hebben zijn gasten gratis bezoekrecht aan hun dorp. Vandaar dus. Als naar gewoonte worden we welkom geheten met een lied en een dans. Daarna even een woonst bekijken en een bezoekje brengen aan het piepkleine schooltje waar de allerkleinsten hun eerste woordjes lezen en een liedje plegen. Charmant dat wel ! We kopen een souvenirke en stoppen wat in de spaarpot. Zo is iedereen tevreden en kontent.
Een sanitaire stop en een korte rustpauze nabij een natuurlijke drinkplaats die gevoed wordt door een bron. Uniek decor, met een hoog Out- of- Afrika-gehalte. Ook hier enkele nijlpaarden, voor 90 % ondergedompeld en bescherming zoekend tegen de zon.  Aan de rand van de vlakte, daar waar het gras wat hoger groeit, geraken we midden in een kudde wildebeesten op weg naar de drinkplaats. Naarmate we het Makat meer ( lake magadi ) naderen hoe groter de concentratie dieren wordt. Zebra’s, buffels , gnoes  het loopt er door elkaar dat het een lieve lust is. Aan de rand van het meer liggen nijlpaarden op het droge in de zon. Pelikanen staan wat verderop te blinken in het water. Zebra’s lopen aan en af. In de verte zie je hele kuddes buffels en slierten wildebeesten . We staan stil midden al dat moois. Omsingeld door zebra’s . Sierlijk lopen ze om ons heen. Dit is Afrika op zijn mooist ! Alle verwachtingen worden hier ingelost. Ngorongoro is inderdaad een stuk aards paradijs ! Elk stipje is een dier , zover je kijken kan. Enig mooi en onvergetelijk ! 
Helaas draait het rond de middag en moeten we stilaan denken aan de klim. August doet nog een laatste poging om in de bomenzone op zoek te gaan naar de luipaard, maar geen geluk. We treffen enkel nog twee eenzame olifantenstieren die onder luid gekraak enkele acaciatakken aan het verorberen zijn. Een andere opvallende afwezige is de giraffe. Met haar lange hals en poten is de steile afdaling tot deze krater onmogelijk voor deze dieren.
In een eerste fase rijden we door een dichtbegroeid woud. De zon is hier nog niet doorgedrongen en dus is er nog erg fris. Buiten enkele troepen apen is nog niet veel leven te bespeuren. Iets lager , bij een open strook ligt een leeuw te geeuwen in het eerste zonlicht. Een wondermooi beeld is dat. Het dier trekt zich van onze aanwezigheid niks aan en luiert verder. Weer lager rijden we onder een hemel van acaciabomen . Dat levert eveneens een mooi plaatje op ! Eenmaal volledig afgedaald in de krater gaat het landschap over in een vlak grasland met in de achtergrond de blauwgroene flanken van de omliggende bergrand. De zon schijnt nu helemaal in de krater en het warmt snel op. De trui kan weer uit. Hier in de vlakte kom je doodgewoon ogen te kort. Overal zie je dieren, soms alleen, soms in groepjes, dan weer in stevige kuddes of netjes op een rij lopend. Terwijl wij foto’s schieten heeft August de kijker bovengehaald en speurt de horizon af. Met sukses. Eerst een troep van een zevental leeuwen en ginder in de verte lopen twee zwarte neushoorns. In de krater krijg je die zelden te zien. We proberen nader te komen maar dat lukt niet zo best. In Tanzania is het immers verboden de bestaande tracks te verlaten in de wildparken. Toch slagen we erin om ze, dank zij de telelens, op de foto te krijgen . Maar goed , we kregen ze toch te zien. Danke, assante sana !
De Ngorongoro krater

’s Morgens om 6u uit de veren. De zon staat al boven de kraterrand. Voor onze venster staat een buffel ons te begluren. Wat een zicht. Na het ontbijt, stipt op tijd (7u) beginnen we aan de steile afdaling. We moeten 700 meter lager tot de bodem van de caldera. Of je nu het achtste wereldwonder noemt, de Garden of Eden of de Ark van Noah ,
Ngorongoro is uniek. Stel je voor : miljoenen jaren geleden barst een vulkaan uit, even hoog als de kilimanjaro. De eruptie is zo fel dat de berg zichzelf leeg spuwt en er een krater achterlaat van 20 km² doorsnede omringd door een bergrand van gemiddeld 700 tot zelfs de 1100 meter hoog. Daar binnenin in de caldera , de grootste wilde dierenconcentratie ter wereld . Men schat het aantal op 30.000 voor een totale oppervlakte van 8.300 km². Ngorongoro werd in 1979 door de Unesco tot werelderfgoed uitgeroepen.
Eenmaal weer op gang staan we vrij gauw weer bij Naabi Hill Gate en zit Serengeti erop. Weer lunchen op dezelfde plek als gisteren en kunnen we daarna opnieuw de kalvarieberg op tot aan de kraterrand. Hotsen en botsen en de blauwe plekken hernieuwen ! Tegen halfvijf  bereiken we de top . Er rest nog 22 km rond de krater  tot Ngorongoro Sopa Lodge. Dit luxe-resort is een verademing. Prachtige kamers met balkon en uitzicht over de krater en vooral een leuke badkamer met een lekkere warme douche ! Tegen zonsondergang is het verzamelen op de sunset terras. Met tientallen staan ze daar te fotograferen en te filmen. De avond die valt over de krater : heel indrukwekkend maar net iets te druk om perfect te zijn. Zo ook het diner dat opgeluisterd wordt met gezang door het personeel . Teveel volk op dezelfde plek ? Misschien wel maar dit is de Ngorongoro krater, het achtste wereldwonder ! Nu maar genieten van een rustbrengende nacht en morgen naar het aardsparadijs !
van meer dan een meter lang en gooit het achteraan in de jeep. Ik begrijp dat het stuk is en moet gelast worden. Het werd verwijderd omdat het dreigde een ander vitaal onderdeel te beschadigen zodat rijden onmogelijk werd. Die safariwagens krijgen toch heel wat te verduren. Na elke safari moeten ze bijna volledig ontmanteld en gecheckt worden. Maar best ook .
Prachtige diertjes die we nog kennen van onze Zuid Afrika reis. Met nieuwe moed trekken we verder. We ontmoeten een  bloeddorstige hyena naast een verse plas bloed. Hier moet een slachtoffer gevallen zijn. De muil van de hyena ziet nog rood van het bloed maar er is geen prooi te bespeuren. Wat verderop staan enkele impala’s beduusd toe te kijken. Van de andere kat-achtigen echter geen spoor vandaag. Waar zijn de leeuwen, de cheetah’s en de luipaard ? Hoe hard August ook zijn best doet. We vinden ze niet. Wat we wel terugvinden is de hoofdweg . Net op tijd want de landrover begint rare kloppende geluiden te produceren. Even onder de motorkap gaan kijken. Blijkbaar is er iets los gedaverd. August meent het euvel te herstellen maar niet voor lang. Daar gaan we weer. August deze keer onder de wagen. Hij mist een bepaalde sleutel. Geen probleem . Enkele tegenliggers tegenhouden tot er eentje bij is met de gepaste sleutel nummer weet ik veel. August zal die wel ooit eens terugbezorgen. Solidariteit heet dat dan. Dus maar terug onder de wagen en sleutelen. Ik moet assisteren onder de motorkap en klemmen. Na een kwartier zwoegen komt onze chauffeur weer te voorschijn  met een stuk metaal 
August volgt een nieuwe weg. Deze kronkelt door de hoge grasvelden rond kopjes , langs, door en over riviertjes. Verdorie, onze August is een GPS op zich ! Hoe doen ze het om hun weg te vinden ? Als we ’t hem vragen lacht hij : I’ve done this for 12 years now, so I know all the roads, even the new ones ! De ene dag is de andere niet . Ook hier in Serengeti. Op onze terugweg zien we bavianen , gazellen, een impressionante horde buffels , en enkele giraffen . De beestjes laten het precies een beetje afweten deze morgen. Dan maar genieten van het voortdurend wisselende landschap, altijd goed voor enkele mooie opnames. Bij een korte pauze treffen we een hele resem Rock Hyrax, ook wel eens Dassies genoemd.
De zonsopgang over de Serengeti is prachtig. Er heerst een aangename temperatuur onder de eerste zon. Ontbijt om 7u30 en nog tijd voor een koffie op het terras. August zal ondertussen wel nog even aan zijn jeep aan het sleutelen zijn. Een kwartier later zijn we weer op pad. Weer trekken we het reservaat binnen.  Tot rond 13 u gaan we wilde dieren spotten. Daarna moeten we de lange weg terug tot boven de Ngorongoro kraterrand. We rijden nog een stukje door de Seronera tot bij de hippopool.  Wat krijgen we hier ? Tientallen nijlpaarden opeengepakt in één stinkende poel. Er ligt zelfs een kadaver bij ! De stank is nauwelijks te harden maar het spektakel loont wel de moeite. Echter kan het niet.
Voor het volledig donker is trekken we naar het open restaurant. Rond het kampvuur heeft de Nederlandse kolonie alle plaatsten al ingepalmd. Bij het aperitiefje komt de uitbater van de lodge, een Zuidafrikaner , ons toefluisteren dat we beter vóór de Hollanders kunnen gaan aanzitten voor het buffet-diner . Hij kent zijn pappenheimers blijkbaar. Het wordt een heerlijke maaltijd met pompoensoep , impala en spinazie. Ook August komt voor het eerst aan onze tafel zitten. Tijd om wat beter kennis te maken met deze sympathieke Tanzaniaan. Hier vernemen we dat het zijn droom is ooit een eigen safaribedrijf te runnen. Na het diner worden we door een met boog en pijl bewapende wachter tot aan onze tent begeleid. Zalig geslapen en niks gehoord van de beestjes die ’s nachts rondom onze tent hebben gelopen. ’s Morgens zien we wel de sporen .
Tegen half-vijf veranderen we van koers richting noord en rijden we even het park uit tot aan de Ikoma Bush Camp, onze verblijfplaats voor de nacht. Weer een drankje en een doekje. Deze keer is het een gekleurd doekje. Het valt dus minder op hoe diep we eigenlijk onder het stof zitten. We krijgen de verste tent toegewezen . Binnen in de tent is het intussen al vrij donker en er is maar stroom vanaf 19u vanavond. Dus, even opfrissen en nog wat genieten van ons terras . Ondertussen zijn onze naaste buren ook reeds thuisgekomen. Een Nederlands stelletje. Zij belt het thuisfront met haar mobieltje en vertelt in geuren en kleuren de belevenissen van de ganse dag. Bijna twintig minuten lang. Wat zal die schrikken van de gesprekskosten later.
We bereiken het centrum van Serengeti de Seronera , the lion capital of de world . Nergens tref je meer leeuwen dan in dit gebied. De aanwezigheid van veel grondwater en riviertjes maken er een oase van waar heel wat dieren permanent blijven. Zij hebben geen behoefte aan de jaarlijkse grote migratie van zowat anderhalf miljoen wildebeesten, zebra’s en gazellen  voortdurend in beweging op zoek naar voedsel en water. Hier in de Seronera kunnen ze het best redden. We zien olifanten, hyena’s, giraffes, buffels, nijlpaarden , impala’s, steenbokken , dik dik’s, aardvarkens en struisvogels. Maar het is vooral leeuwendag vandaag. Op een bepaald ogenblik zelfs zeven in één keer. Over de gans dag moeten het er een twintigtal geweest zijn. Je zou voor minder de tel kwijt geraken. Elke gamedrive is steeds anders, maar hier in hartje Serengeti krijgt het toch nog een speciale  dimmensie.  Dit is enig !
Door hun afwijkende vegetatie bieden zij onderdak aan dieren welke je normaal niet in de open vlakte tegenkomt zoals de hyrax of bergmarmot. Ook de katachtige predators zoals leeuwen, cheetah’s en luipaard hebben er hun schuilplaats en uitkijkpost. Bij een van de kopjes zien we spelende welpjes. Schattig. Moeder houdt alles veilig in het oog terwijl de jongen zich uitleven.  Hier pas besef je ten volste wat  een privé-safari betekent. Je kan vrij bewegen in de wagen, hebt altijd de ideale observatiepost en je bepaalt  zelf de tijd.  Krijg je bovendien zoals wij, nog een goede , informatieve gids mee dan kan de pret niet meer op. We vorderen in de Serengeti. Onderweg troepjes  impala’s, zebra’s, giraffen en struisvogels. Om een idee te krijgen van de oppervlakte van de Serengeti kunnen we stellen dat het ongeveer de helft is van België of een derde van Nederland. De totale oppervlakte bedraagt 14.763 km² . Enorm dus.
Dit kort intermezzo heeft onze leden de kans gegeven wat te recupereren van het schokbewind. We kunnen er weer tegenaan om nog een uurtje door te hobbelen tot aan de hoofdingang van het Serengetireservaat: Naabi Hill Gate. Tijd voor de lunch en een welgekomen rustpauze. We zijn hier niet alleen. Vergeten we vooral niet dat dit de enige weg is naar het westen , het Victoriameer en de buurlanden. Alle verkeer moet hier voorbij.  Druk dus. Ook een kluwen van administrative permissies voor het betreden in tijd en duur van het wildpark. Een grenspost als het ware.
Rond 14 u rijden we het reservaat binnen. Het wegdek is wel minder ruig maar erg dor en stofferig. Bij inhalen of bij het kruisen van een tegenligger moeten de ramen dicht maar wat baat het. Het dak van de terreinwagen staat opengeplooid . Al gauw zitten we letterlijk onder het stof. We rijden nu door het vlakkere gedeelte: de long grass- area. Landschap dat u ongetwijfeld kent uit de vele documentaires. Eindeloze grasvlakten tegen een achtergrond van bergketens en midden in het gras her en der de fameuze
kopjes. Dit zijn granieten rotsformaties van vulkanische oorsprong die door eeuwen erosie hun huidige vorm hebben gekregen.
Het uitzicht over Olduvai Gorge is grandioos met midden in het decor de Castle Rock. Hier is een klein museum opgericht waar je replika van de vondsten kan bekijken. Ook krijg je er een korte uiteenzetting bovenop in een soort openluchtklasje. Alles gratis voor een handdruk met dollarvulling. Assante Sana !
Voor nu is het hobbelen, beuken , bonken over een nauwelijks berijdbare piste welke door de bergen slingert. Plots  staan een paar terreinwagens stil op de track. Een tiental meter verder liggen twee mannetjesleeuwen languit te slapen naast de weg. Hadden we zeker niet verwacht op deze hoogte . Een van de leeuwen wordt wakker . Wat een imposant en machtig dier . De dag is sterk begonnen.  Toch is het ook een beetje afzien. We zijn aan de lange afdaling naar de Serengetivlakte begonnen en er schijnt maar geen einde te komen aan die ruige piste. Regelmatig worden we door elkaar geschud en stoten we met knieën en ellebogen tegen het voertuig aan. We verzamelen blauwe plekken dat het een plezier is ! Na een goed uur afdalen zien we aan de horizon de uitgestrektheid van de Serengeti Plains. De naam komt van het Masai woord ‘siringet’ en betekent letterlijk ‘ land waar geen einde aan komt’. Zo ziet het eruit , zo is het ! Op het vlakke schieten we vlugger op. We verlaten de hoofdpiste en nemen de afslag naar Olduvai Gorge. Dit is de kloof in de Rift waar antropoloog Dr. Leakey voetsporen en menselijke resten vond van ruim 3,6 miljoen jaar geleden. Vermoedelijk de eerste rechtoplopende mens , waarvan we allen afstammen. Zijn we dan allen Afrikanen ? 
Serengeti

Weer is het vertrek een halfuur vertraagd. August heeft  een mankement ontdekt aan de landrover en moet nog even laten sleutelen in het dorp. Dan gaat het richting
Ngorongoro Conservation Area . Het werd opgericht in 1959 en heeft tot doel het in stand houden van de natuur en de etnische groepen, bescherming van de diersoorten , maar eveneens de bevolking , de Masai,  ook de mogelijkheid bieden om het gebied te bewonen en er vrij met hun kudden rond te zwerven . De jacht blijft er echter verboden. 
Willen we naar de Serengeti dan moeten we eerst het gebergte over via de Ngorongoro kraterrand. Een andere weg bestaat niet. Al gauw ondervinden we aan al onze leden dat het asfalt plaats heeft gemaakt voor losse stenen en diepe putten in de weg . En dan gaat het steil de hoogte in. De motor moet er alles uithalen om het gevaarte naar een hoogte van 2300 meter te sleuren. Daar ligt de beloning in een enig mooi en erg indrukwekkend panoramisch uitzicht over Ngorongoro krater : de
caldera. Dit is de Rim View. Het weer is helder en het zicht subliem. Dit is genieten. Wel niet al te lang buitenstaan want het is toch wel erg fris hierboven. Tijd voor enkele foto’s en dan verder om de kraterrand doorrijden. De afdaling in de caldera is voor over een paar dagen.
Rond 16u verlaten we het reservaat. Het is nog ongeveer een uurtje rijden tot The Octagon Lodge in Karatu. We worden er verwelkomd met een fruitsapje en krijgen een verfrissingsdoekje aangereikt. Pas dan merken  we hoe fel we al onder het stof zitten bij onze eerste safaridag. Even opfrissen en dan genieten van de rustige omgeving en een drankje aan de bar. De avond valt snel . Octagon Logde ziet er best gezellig uit tot de stroom uitvalt. Even wennen aan de duisternis en maar wachten tot men de kaarsen bovenhaalt. Later zien we dansende kaarslichtjes van het restaurant, maar hoe geraak je daar zonder je benen te breken ? Na een flinke poos is de stroom er weer en kunnen we aanschuiven voor het buffetdiner.  Morgen wacht een lange weg ! Hakuna matata.
Vanaf de gate slingert de weg door een weelderige groene jungle bevolkt door honderden troepen bavianen welke ongegeneerd langs de weg rondhangen. Hen gadeslaan levert soms wel hilarische momenten op.  Eenmaal uit de groene jungle (dankzij de aanwezigheid van heel veel grondwater) contrasteert de open vlakte omzoomd door een gordel van acacia bomen. Dit is het domein van de fameuze boomklimmende leeuwen zodat ze niet vertrappeld worden door  de grote troepen olifanten. Naast de meeste wilde dieren zijn meer dan 400 vogelsoorten te zien in dit wondermooie park. Duizenden roze flamingo’s , pelikanen en cormoranen bevolken de oevers van het Manyara meer. Met zijn 200 km² vormt dit meer het grootste deel van het reservaat dat in zijn geheel 330 vierkante km² bedraagt. Op de pic-nic site is het genieten van het landschap en de dieren. Een plaatje dat je niet zo gauw zal vergeten. Wel moet je ervoor opletten dat de roofvogels er niet met je lunch vandoor gaan ! Na de lunch hernemen we de gamedrive naar het meer toe. Hier stelen de pelikanen en de flamingo’s de show. Dit is hun favoriete stopplaats tijdens hun permanente migratie. Ook weer een fraai beeld .
We komen voorbij  Mto Wa Mbo , een beetje kunstmatig, nogal toeristisch kijkdorp dat een beeld schept over  de  levenswijze van de ethnische bevolkingsgroepen en de Masai in het bijzonder . Nogal commercieel met veel houtsnijwerken , felgekleurde , schilderijen en souvenirshops. Mto wa Mbo is Swahili voor muggenrivier. De bevolking groeit hier steeds maar aan. Gelukzoekers komen hier hun steentje meepikken van het openbloeiend toerisme. Lake Manyara , gelegen aan de Great Rift Valley (Grote Afrikaanse Slenk) , is nu wel heel vlakbij (zie plan). Tijd om de benen even te strekken aan de gate van het wildpark. Bij het binnenrijden lezen we deze wijze woorden: Verwijder niets uit het park behalve voeding voor de ziel , troost voor het hart en inspiratie voor de geest !  Het Lake Manyara Game reservaat , uitgestrekt over 50 km tussen de flanken van de Rift Valley en het meer, is niet het grootste, maar misschien wel een van de mooiste parken van Tanzania.  Ernest Hemingway noemde het : The loviest I had ever seen in Africa !
Lake Manyara

Met een uur vertraging komt ons vervoer eraan. Verrassing : alhoewel anders gezegd is August toch onze gids/chauffeur voor de komende dagen. We zijn wel blij met de keuze. De reisafstand voor vandaag bedraagt slechts een kleine 190 kilometer. Al blijken we toch bijna een uur nodig te hebben om door het intense verkeer van Arusha te geraken. De stad , aan de voet van
Mt Meru , zwelt maar steeds aan en telt nu reeds meer dan een miljoen inwoners. Aan de voorsteden tref je dan ook de onvermijdelijke sloppenwijken die dan weer afwisselen met  nieuwe urbanisaties . Tanzania is in volle ontwikkeling, heeft een vrij stabiele regering en doet er alles aan om haar achterstand in te halen.  Gedurende ongeveer een uur volgen we de enige hoofdweg die naar  Zuidelijk Afrika  leidt. We schieten goed op over een prima wegdek. Onderweg zien we heel wat koffieplantages en bloemenkwekerijen .Dan gaat het westwaarts richting Lake Manyara . Het landschap is prachtig. De ene heuvel na de andere.  Steile klimmen wisselen af met lange afdalingen waarlangs de lokale bevolking , meestal per fiets , enorme lasten vervoert. 
De volgende morgen hebben we een afspraak met Menno van Hofland Expeditions. Hij heeft de safari voor ons geregeld en komt wat uitleg geven over het verder verloop van onze reis. Nadien rijden we met hem mee naar het centrum van Arusha. We moeten nog wat dollars uitwisselen. Arusha is geen bruisende stad. Wel een heksenketel met een enorm druk , zelfs chaotish verkeer. Ieder doet zijn eigen ding  .De anderen zullen wel stoppen. In volle centrum staat de clocktower , precies halverwege de afstand tussen Cape Town en Cairo. Tanzanianen noemen dat het middelpunt van Afrika. Nou ja !  Na een kort bezoek aan de lokale markt laten we de drukte achter ons en keren terug naar de lodge. De reistassen moeten gepakt worden en de harde koffers in bewaring gegeven tot na onze terugkeer van safari . Morgenvroeg is het zover .
Route :   Brussel - Amsterdam - Kilimanjaro - Arusha - Lake Manyara - Serengeti - Arusha - Stone Town - Pajé - Stone Town - Nairobi -
                Amsterdam -
  Brussel
In onze bagage steekt een groot vraagteken. Voor het eerst heb ik de reis zelf geregeld via het internet en dus blijft het afwachten. Eerst moeten we ”cityhoppen” naar Schiphol om vandaar met KLM naar Kilimanjaro International Airport in Tanzania te vliegen. Die ene keer dat ik vanuit Schiphol vertrok liep het goed mis. Toen zaten we er 24 uur vast wegens een technisch defect bij  Air Lanka. Dus toch wel een beetje nerveus. Onterecht want alles loopt vlot en KLM valt erg goed mee. Een tiental uren later staan we aan te schuiven voor een visum . Pole Pole , we zijn terug in Afrika. Eén keer 50 dollar neergeteld mag je meteen het land in. Pascontrole , nazicht inentingscertificaat , douane , het hoeft allemaal niet meer . Karibu ! Welcome in Tanzania.
Een chauffeur zal ons naar
Arusha brengen. Augustin staat ons op te wachten. Zijn ogen blinken als ik zeg dat ik  hem ken…from internet. De lichten van de pick-up jeep weigeren dienst . Dan maar zonder de weg op . Rijdend in het spoor van een voorligger krijgt August de koplampen uiteindelijk toch aan de praat en scheuren we door de duisternis naar Arusha de safarihoofdstad van Noord Tanzania. We verblijven vannacht in The Outpost Lodge. Een pintje voor het slapengaan en snel onder de lakens ! Het was een lange dag.
2007
TANZANIA
Find more about Weather in Kilimanjaro, TN
Click for weather forecast